VastgoedvoordeelKennisbank
Energielabel

Energielabel klassen — A++++ tot G uitgelegd

Wat betekenen de energielabel-klassen A++++ tot G? Uitleg over de score-grenzen, wat een label betekent voor uw energiekosten en wanneer u stappen kunt maken.

Het energielabel kent tien klassen, van A++++ (allerzuinigst) tot G (minst zuinig). De klasse wordt bepaald aan de hand van het berekende primaire fossiele energiegebruik per vierkante meter per jaar, uitgedrukt in kWh/m²/jaar.

De tien klassen

KlasseRange (kWh/m²/jaar)Typisch bij
A++++≤ 0Energie-positieve nieuwbouw met veel zonnepanelen
A+++0 – 50Zeer goed geïsoleerde nieuwbouw
A++50 – 75Goed geïsoleerde nieuwbouw
A+75 – 105Recente nieuwbouw of grondig gerenoveerde woning
A105 – 160Nieuwbouw vanaf circa 2010
B160 – 190Nieuwbouw uit jaren 2000, of jaren '90 met aanpassingen
C190 – 250Bouw uit de jaren '80–'90, redelijk geïsoleerd
D250 – 290Bouw uit de jaren '70–'80 met basisisolatie
E290 – 335Oudere bouw met beperkte isolatie
F335 – 380Slecht geïsoleerde oudere bouw
G> 380Zeer slecht geïsoleerd, vaak monumentaal of vooroorlogs

De exacte grenzen zijn vastgelegd in de NTA 8800. De tabel hierboven is een indicatie — de definitieve klasse wordt door de EPA-adviseur berekend.

Wat betekenen de klassen voor uw energiekosten?

Globaal verschil per klasse, voor een gemiddelde woning van 100 m²:

LabelIndicatie verbruik per jaarIndicatie energiekosten per jaar
A1.500 m³ gas-equivalent€ 2.500 – € 3.500
C2.500 m³ gas-equivalent€ 4.500 – € 5.500
F4.500 m³ gas-equivalent€ 7.500 – € 9.000

Werkelijke kosten hangen af van energietarieven, woninggrootte, gebruikersgedrag en specifieke installatie.

Een sprong van label F naar B kan dus enkele duizenden euro's per jaar besparen — naast hogere wooncomfort en CO₂-reductie.

Welke klasse is uw woning waarschijnlijk?

Een ruwe schatting op basis van bouwjaar (bij standaard isolatie):

  • Vóór 1945 (vooroorlogs): meestal F of G
  • 1945 – 1975 (wederopbouw): meestal E of F
  • 1975 – 1992 (na isolatie-eisen): meestal D of E
  • 1992 – 2000: meestal C
  • 2000 – 2010: meestal B
  • Na 2010: meestal A of beter
  • Na 2020 (BENG): meestal A++ of beter

Verbeteringen aan isolatie, glas of installaties kunnen de klasse uiteraard verhogen.

Stappen omhoog maken

De grootste sprongen zijn meestal te maken door:

  1. Spouwmuurisolatie — vaak +1 tot +2 klassen (subsidie via ISDE).
  2. Dakisolatie — vaak +1 tot +2 klassen.
  3. Vloerisolatie — +1 klasse, vooral bij vrijstaande woningen met kruipruimte.
  4. HR++ of triple glas — +1 klasse.
  5. Hybride warmtepomp — +2 tot +3 klassen, en bovendien fors lagere energiekosten.
  6. Volledige warmtepomp + zonnepanelen — vaak naar A++ of beter.

Voor verduurzaming zijn vaak subsidies beschikbaar.

Effect op huurprijs

Voor verhuurders telt het label mee in de WWS-puntentelling. Per labelstap zijn er punten te winnen die de maximale huurprijs verhogen.

Lees meer over de huurprijs en het WWS →

Aan de slag

Wilt u weten wat uw huidige klasse is? Vraag uw energielabel aan →

Of bekijk eerst:

On this page